BINNEN

Een traliehok van 100 x 50 cm mag voor sommige mensen al een riante behuizing lijken, maar is allesbehalve ruim genoeg voor konijntjes die het grootste deel van hun dagen daarin moeten slijten. Best is dus te werken met een hok met daarrond of daaraan bevestigd een voldoende ruime ren, of, indien je daar de ruimte voor hebt, kan je uiteraard een konijnenkamer inrichten. “Betrouwbare” konijnen, kan je tevens laten loslopen in huis. Daartoe zullen ze soms eerst moeten getraind worden op zindelijkheid (veel konijnen zijn dit van nature) en sloopgedrag.

HET HOK
Voor binnen wordt meestal een traliehok genomen. Let er hierbij op dat het hok niet alleen bovenaan, maar ook vooraan open gaat. Zorg dat je konijntjes makkelijk zelf in en uit het hok kunnen geraken en dat ze hierbij niet met een pootje of teentje klem kunnen komen te zitten tussen de tralies van het deurtje. Voorzie eventueel een “bruggetje” of opstapje naar de ingang.
Voor konijntjes die een vaste ren hebben, kan je ervoor kiezen geen traliehok te zetten, maar enkel de onderbak daarvan of bv een kattenbak. Zorg dan wel dat je konijntjes een andere “schuilplaats” hebben (een huisje bv). Ze hebben sowieso nood aan een plekje dat van hen is en waar ze zich in alle rust kunnen terugtrekken.

Zet het konijnenhok met ren op een rustige plaats, niet vlakbij de verwarming, in de volle zon (een stukje zon in de ren mag maar er moet ook steeds schaduw zijn) of op de tocht. Een konijn kan beter tegen te lage dan te hoge temperaturen. Tocht kan bijvoorbeeld snot en longontsteking veroorzaken.

Kies een goede bodembedekking, die niet te stofferig is en goed absorbeert. Er zijn veel soorten in de handel verkrijgbaar.

DE REN
Voor binnen kan je eventueel paneelrennetjes uit de dierenspeciaalzaak gebruiken. Er bestaan heel wat modellen en formaten.  

KONIJNPROOF?
Indien je konijntjes vrij mogen rondlopen, let er dan zeker op dat ze niet aan elektrische snoeren kunnen knagen of van giftige kamerplanten kunnen eten. Rond elektrische snoeren kan je eventueel een omhulsel aanbrengen, maar zeer knaaggrage konijnen laten zich zelfs daardoor niet afschrikken. Het ene konijn is ook het andere niet, maar bij sommige langoortjes moeten ook zetels, houten meubels, deuren, vensterlijsten eraan geloven. Konijntjes kunnen gelukkig getraind worden om het sloopgedrag af te leren, belangrijk hierbij is alleszins om hen een leuker alternatief te geven (speelgoed, wilgentakken, …) en ze niet zonder toezicht te laten loslopen, zolang ze niet geleerd zijn.

Laat bijvoorbeeld ook nooit een emmer water op de grond staan wanneer je er niet bij bent. Konijnen zijn soms zo nieuwsgierig dat ze gewoon in de emmer springen, met alle mogelijke gevolgen vandien…

ZINDELIJK?
Ook op zindelijkheid kan een konijn getraind worden. Sommige konijntjes zijn dit reeds van nature en zullen steeds hun hok of kattenbak opzoeken om daarin hun plasje te doen. Keuteltjes hier en daar zijn echter moeilijker te vermijden. Konijnen gebruiken namelijk de zogenoemde “geurkeutels” om hun territorium te markeren. Zorg er sowieso voor dat hun plasruimte uitnodigend en comfortabel is, ttz, ruim genoeg, met steeds vers hooi voorhanden.ONDERGROND
Gladde vloeren kunnen moeilijk zijn voor konijnen om op te lopen. Sommigen vinden het tevens beangstigend. Voorzie best, zeker in hun vaste ren, een doek of kleed om het hen comfortabeler te maken. Ook naar pododermatitis toe, is het beter als een konijn tenminste deels de tijd op minder harde oppervlakten doorbrengt.